“We missen kansen wanneer we niet aanhaken bij internationale standaardisatieontwikkelingen”

Standaardisatie is een belangrijke manier om nieuwe innovaties mogelijk te maken en om de adoptie en diffusie van innovatie te versnellen . Binnen Smart Industry is daarom een platform opgericht met vertegenwoordigers van het bedrijfsleven om hier meer richting aan te geven. De voorlopige conclusie na twee bijeenkomsten: er gebeurt veel en er liggen kansen om internationaal aan te haken en een positie te claimen voor de BV Nederland.

In de eerste twee bijeenkomsten lag de focus op de thema’s ‘data delen in de keten’ en ‘servitization’.

Het platform is ook internationaal en Europees actief. Internationaal wordt deelgenomen in de standaardisatie-activiteiten van ISO en IEC. In Europa wordt vanuit het platform deelgenomen aan de werkgroep van de Europese Commissie die gaat over standaardisatie voor het digitaliseren van de Europese industrie.

Ook is er een werkgroep opgezet die input gaat leveren aan de internationale referentiemodellen en antwoord geeft op vragen als: volgen we als Nederland hierbij het (van origine) Duitse RAMI-model? Of maken we hierin andere keuzes?

Data delen in de keten

Beter samenwerken met klanten en toeleveranciers staat bij veel bedrijven op het netvlies. Dit vereist gemakkelijke, betrouwbare en snelle digitale deling van data. Het Nederlandse Fieldlab Smart Connected Supplier Network werkt hieraan in de hightech maakketen. In het Fieldlab werken maakbedrijven en ICT-leveranciers samen. Qua standaarden haakt men aan bij internationale initiatieven zoals het Duitse Industrial Data Space. Gevolg is dat er nieuwe mogelijkheden ontstaan: ook andere maakketens willen het resultaat adopteren en er ontstaan nieuwe use cases.

Cyberveiligheid en het langdurig bijhouden van productdata (product lifecycle management) door de hele keten heen worden vervolgens een cruciaal punt. Het Fieldlab The Garden, geïnitieerd door Thales, richt zich op dit onderwerp. Ook hier liggen er kansen, bijvoorbeeld op het gebied van maturity modellen voor cyberveiligheid en technieken voor veilige datadeling.

Het platform concludeert dat standaardisatie een methode kan zijn om datadeling meer en meer een commodity te laten worden en complexiteit terug te dringen. Er liggen kansen om Nederlandse use cases in te brengen bij internationale initiatieven zoals Industrial Data Space en de technische commissies binnen ISO of IEC (bijvoorbeeld in de commissies voor big data, cyber security en industriële automatisering). . Hier zal in de komende tijd naar worden gezocht.

Servitization

Tijdens de tweede bijeenkomst is stilgestaan bij het thema ‘servitization’: de ontwikkeling waarbij dienstverlening een steeds grotere rol krijgt in het businessmodel van maakbedrijven. Internationaal worden er momenteel raamwerken ontwikkeld voor het typeren van verschillende servitization concepten. Standaardisatie richt zich daarnaast op randvoorwaarden (zoals juridische kaders voor de benodigde datadeling en de onderliggende ICT-infrastructuur, bijvoorbeeld voor internet-of-things).

In Fieldlabs wordt gewerkt aan verschillende toepassingen van servitization: de fieldlabs Capella en Campione richten zich bijvoorbeeld op onderhoud in de maak-en procesindustrie. Binnen Campione is eerder bijvoorbeeld gewerkt met een toepassingsspecifieke architectuur – ‘Daisy’ – die mogelijk ook voor andere maintenance-toepassingen ingezet kan worden.

Ook blockchain is een technologie die een belangrijke rol kan spelen bij servitization, omdat daarmee in een netwerk van bedrijven bepaalde (transactie-) gegevens onweerlegbaar vastgelegd kunnen worden. Dit is een topic waar o.a. het Fieldlab Blocklab zich mee bezig houdt.

Binnen de NEN zijn er aantal normcommissies die zich bezig houden met relevante thema’s rondom dit onderwerp, zoals Internet of Things en Blockchain. Meedoen in de NEN-commissies biedt de mogelijkheid om inbreng te leveren aan de internationale standaardisatie-gremia en invloed uit te oefenen op de bestaande en nog te ontwikkelen standaarden voor de maakindustrie.

Referentie Architectuur Model: welke positie kiest Nederland?

Binnen het Duitse platform Industrie 4.0 is een ‘Referentie Architectuur Model Industrie 4.0’ opgesteld. Doel van deze architectuur is om standaarden beter op elkaar af te stemmen, bijvoorbeeld standaarden voor industriële besturing en standaarden uit de ICT-wereld.

Vanderlande presenteerde aan het platform hoe zij als leverancier van logistieke systemen dit model inzetten bij nieuwe ontwikkelingen zoals Internet-of-Things, autonome robots en big data. Het blijkt dat er flinke verschillen zijn in de regio’s waar Vanderlande actief is. RAMI helpt dan om deze verschillen te overbruggen. Het bedrijf kiest ervoor om bij voorkeur gebruik te maken van generieke technologieën voor datadeling en data analytics, o.a. van Microsoft en Amazon.

Daarnaast werkt het platform aan inbreng voor de ISO/ IEC JWG21 Smart Manufacturing Reference Model werkgroep. Hierin wordt gekeken of RAMI nu wel het beste uitgangspunt is of dat er meer gekeken moet worden naar initiatieven uit andere landen, zoals de Verenigde Staten. Het platform Smart Industry Standaardisatie zal binnenkort bepalen of het Duitse RAMI ook in Nederland als uitgangspunt wordt gehanteerd.

Neem deel aan de discussie

Het platform staat open voor uw inbreng in deze discussie. In het bijzonder op de volgende onderwerpen:

  • Referentie Architecture Model Industrie 4.0 (RAMI): moet Nederland het Duitse referentiemodel volgen? Of leggen we eigen accenten?
  • Industrial Data Space: op welke use cases kan Nederland zich onderscheiden? Zijn er mogelijk specifieke Nederlandse ontwikkelingen die internationaal meer aandacht moeten krijgen?
  • Geautomatiseerde productie en robotica: dit is het thema van de volgende platformbijeenkomst. Ook hier zoekt het platform naar input. Ook kunt u deze bijeenkomst bijwonen.

Voor vragen en meer informatie kunt u contact opnemen met Vlora Rexhepi-van der Pol van de NEN (vlora.rexhepi@nen.nl). Ook is meer informatie te vinden op www.smartindustry.nen.nl.